Procedure per afzonderlijke RouterNode - WaveNet

Procedure van de RingCast bij een RouterNode 2:

  1. datapakket ontvangen
  2. Datapakket controleren: is beoogde partner
  3. Bij mislukte controle wordt het datapakket genegeerd
  4. Datapakket controleren: input-tellerstand in het datapakket > actueel bewaarde input-tellerstand
  5. Bij mislukte controle wordt het datapakket genegeerd
  6. Input-tellerstand van het pakket opslaan
  7. Broadcast uitvoeren: vijf seconden lang (één seconde bij ondersteuning van Fast wake-up, zie Firmware-informatie)
  8. Datapakket met inputsignaal en input-tellerstand doorgeven (Ethernet of radio, indien RouterNode geen Ethernet-aansluiting heeft): max. vijf seconden, daarna annulering
  9. OPMERKING

    notice

    RingCast-start alleen met bestaande draadloze verbinding

    De RingCast wordt opgebouwd naar gelang het zendbereik. Wanneer de initiator geen andere RouterNode draadloos kan bereiken, dan wordt het datapakket via Ethernet alleen aan de toegewezen beoogde partner gezonden. Ook wanneer de beoogde partners andere RouerNodes draadloos kunnen bereiken, sturen ze het datapakket niet door.

    De RingCast eindigt dan bij de per Ethernet bereikbare beoogde partner van de initiator.

    1. Controleer dat de initiator van een RingCast altijd minstens één draadloze verbinding met een andere RouterNode van de RingCast kan opbouwen.
  10. Datapakket met inputsignaal en input-tellerstand doorgeven (radio, alleen na mislukte Ethernetverbinding van de RN2.ER.IO): max. vijf seconden, daarna annulering

Voorwaarden waaraan voor het doorgeven en de broadcast moet zijn voldaan:

  1. is beoogde partner: de RouterNode controleert of hij onder de beoogde partners van het datapakket genoemd wordt.
  2. input-tellerstand in het datapakket > actueel bewaarde input-tellerstand: de initiator telt hoe vaak hij na een bepaalde input het inputsignaal via de RingCast heeft doorgegeven en verhoogt de tellerstand bij elke nieuwe verzending. Het verzonden datapakket bevat deze tellerstand. Wanneer een RouterNode een datapakket ontvangt, bestaan er twee mogelijkheden.
  3. De tellerstand van het ontvangen pakket is hoger dan de eigen tellerstand: het ontvangen pakket is nieuw en werd nog niet verwerkt (anders zou de opgeslagen tellerstand gelijk zijn).
  4. De tellerstand van het ontvangen pakket is kleiner dan of gelijk aan de eigen tellerstand: het ontvangen pakket werd al verwerkt.

Wanneer de initiator een datapakket ontvangt waarvan de input-tellerstand gelijk is met de eigen tellerstand, dan geldt de RingCast als afgesloten.

OPMERKING

notice

Verspreiding van het signaal na herkenning van de afsluiting door de RingCast

De herkenning als afgesloten betekent dat het kortst mogelijke intacte pad van de RingCast is afgelegd en alle RouterNodes op dit pad het inputsignaal hebben ontvangen.

Wanneer bij redundante paden niet alle paden intact zijn, wordt de RingCast desondanks herkend als afgesloten.

De herkenning van de afsluiting zegt er dus niets over of alle betreffende RouterNodes het inputsignaal hebben ontvangen.

Zendgedrag van het signaal na herkenning van de afsluiting door de RingCast

De herkenning als afgesloten betekent dat het kortst mogelijke intacte pad van de RingCast is afgelegd en alle RouterNodes op dit pad het inputsignaal hebben ontvangen.

Via (langere) redundante paden of aftakkingen kan desondanks nog worden gezonden.

De herkenning van de afsluiting zegt er dus niets over of betreffende RouterNodes nog zenden.