Transponder permanent blokkeren en een vervangende transponder maken - LSM 3.5 SP3 Business + Prof.
OPMERKING
Om veiligheidsredenen moeten de rechten van de gewiste transponder uit alle sluitelementen worden verwijderd.
- Dit gebeurt door het opnieuw programmeren van alle sluitelementen.
Ga als volgt te werk om een 'oude' transponder te vervangen door een nieuw, nog niet geprogrammeerd exemplaar.
- Zorg voor een vervangende transponder.
- Door dubbel te klikken op de defecte transponder in de LSM-software verschijnt de registerkaart "Uitrusting" met alle gegevens van de betreffende transponder.
- Klik met de rechtermuistoets op de defecte, verloren of gestolen transponder en selecteer "Transponderverlies".
- Het blokkeren van de betreffende transponder wordt nu voorbereid.
- U moet de reden vermelden waarom deze maatregel noodzakelijk is. Met de optie "Transponder verloren/gestolen" kan vervolgens meteen een nieuwe transponder met dezelfde rechten geprogrammeerd worden. In het G2-protocol blokkeert deze transponder bij elke activering van een sluitelement waarvoor het bevoegd is het vorige exemplaar. Toch is het nodig dat alle betreffende sluitelementen opnieuw geprogrammeerd worden.
- Voer elke nieuw ontstane programmeerbehoefte bij alle componenten uit.
Opnieuw programmeren van de sluitelementen vermijden
Het aanleggen van een nieuwe vervangende transponder zorgt voor programmeerbehoefte bij alle sluitelementen. Deze speciale programmeertaken kunnen echter ook meteen met de nieuwe vervangende transponder worden uitgevoerd.
- De vervangende transponder is correct geprogrammeerd.
- Activeer de nieuwe vervangende transponder bij elk sluitelement.
- Programmeer de nieuwe vervangende transponder opnieuw. Vink in het venster "Transponder programmeren" het hokje "Deactiveringsbewijzen/Batterijalarmen uitlezen" aan.
- Actualiseer de matrix. Nu is de programmeerbehoefte verdwenen.
Vanaf LSM 3.5 SP3 is het mogelijk willekeurige transponders maximaal twee andere transponder-ID's "mee te geven" die moeten worden geblokkeerd.
Te blokkeren TID's direct programmeren
De te blokkeren ID's worden tijdens het programmeren op de transponder opgeslagen.
- De transponder is fysiek beschikbaar.
- Het programmeervenster van de transponder is geopend.
- Klik op de knop TID's om te deactiveren.

- Het overzicht gaat open.

- Vink maximaal twee hokjes aan in de kolom TID om de te wissen TID's op de transponder op te slaan.
- Bevestig de invoer met de button "OK".
- Ga dan verder met programmeren.
- De gemarkeerde TID's worden op de transponder als te wissen elementen opgeslagen. Wanneer de transponder zich identificeert bij een betreffend sluitelement, worden de te wissen TID's in dit sluitelement geblokkeerd.
Te blokkeren TID's opslaan in de eigenschappen
De te blokkeren ID's worden hetzij tijdens de volgende programmering op de transponder opgeslagen, dan wel bij de volgende boeking aan een Gateway.
- Het eigenschappenvenster van de transponder is geopend.
- Ga naar de registerkaart Configuratie.

- Klik op de knop TID's om te deactiveren.
- Het overzicht gaat open.

- Vink maximaal twee hokjes aan in de kolom TID om de te wissen TID's op de transponder op te slaan.
- Bevestig de invoer met de button "OK".
- De gemarkeerde TID's worden bij de volgende programmering, of bij de volgende boeking aan een Gateway op de transponder opgeslagen.