Signaleringsinstellingen - SmartRelais 3-systeem

Bij sommige toepassingen kan een optisch of akoestisch signaal ongewenst zijn. U kunt de signalering aan uw wensen aanpassen.

  1. LSM vanaf 3.4 geïnstalleerd.
  2. De controller is al geprogrammeerd.
  3. Componenten naar behoren aangesloten (zie Bedrading).
  4. Componenten van spanning voorzien.
  1. Open de instellingen door dubbel te klikken op de vermelding van het SmartRelais 3 in de Matrix.
  2. Ga naar de registerkaart Configuratie / data.
  3. Klik op de button Uitgebreide configuratie.
  4. Het venster Uitgebreide configuratie gaat open.
  5. Activeer of deactiveer het hokje LED-uitschakelen.
  6. Activeer of deactiveer het hokje Beeper uitschakelen.
  7. Klik op de button OK.
  8. Het venster gaat dicht.
  9. Klik op de button overnemen.
  10. Klik op de button beëindigen.
  11. Voer een programmering uit (zie Programmering).
  1. Signalering is aangepast.