Inrit parkeergarage - SmartRelais 3-systeem

De inrit van een parkeergarage is als situatie vergelijkbaar met de slagboom op een inrit (zie Slagboom), want hier komen alle personen voorbij die van buiten in de parkeergarage willen. Tegelijkertijd beschikt een deel van deze personen niet over een identificatiemedium, bijvoorbeeld zakelijke klanten. Bovendien is de buitenzijde blootgesteld aan weersinvloeden, vandalisme en sabotage. Het voornaamste verschil is dat dit punt bijvoorbeeld met een rolluik beveiligd kan worden om te verhinderen dat onbevoegden te voet naar binnen kunnen.

Het interieur van de parkeergarage kan dus beschouwd worden als een beveiligde zone.

Met het SREL3-ADV-systeem is een comfortabele regeling voor de parkeergarage realiseerbaar. Net als bij alle andere toepassingen wordt de controller gemonteerd in een beveiligde zone, bijvoorbeeld in de technische ruimte. Tegelijkertijd is een lezer nodig in de buurt van de inrit voor het rolluik:

  • de lezer wordt in een beschikbare behuizing op een passende positie aangebracht, bijvoorbeeld bij de bestaande intercom. Deze variant is optisch onopvallend geïntegreerd en biedt een zeer goede bescherming tegen weersinvloeden, vandalisme en sabotage.
  • de lezer wordt geïnstalleerd aan de muur. Deze variant is naar buiten goed zichtbaar en zorgt dat de gebruiker zijn of haar identificatiemedium eenvoudig kan plaatsen. In tegenstelling tot de montage in een aanwezige behuizing is de reikwijdte van de lezer verbeterd. Met de beschermende behuizing (SREL2.COVER1) is bescherming tegen weersinvloeden, vandalisme en sabotage gegarandeerd.

De gebruiker kan vanuit de auto het identificatiemedium gebruiken om de autorisatie te laten controleren. Mocht de gebruiker geen identificatiemedium bezitten, maar wel verwacht worden, dan kan hij of zij zich (bijvoorbeeld via een intercom) toch aanmelden. Een andere persoon die zich bevindt in de beveiligde zone kan de gebruiker dan met een druk op de toets toch binnenlaten. Deze toets kan zich bijvoorbeeld bij een portier bevinden, die externe klanten alleen binnen de kantoortijden binnenlaat, terwijl gebruikers met een identificatiemedium te allen tijde doorgelaten worden.

Gebruikers die de parkeergarage willen verlaten, bevinden zich in de beveiligde zone. Een hernieuwde controle van de autorisatie voor de deur kan dus achterwege blijven. Daarom is voor een hoger gebruiksgemak een extra toets parallel met een andere toets (bij de portier) een goede optie. Deze wordt aangebracht in de buurt van de uitrit in de beveiligde zone.

Doordat de communicatie van de lezer met de controller en de LSM beveiligd is, kan niemand gegevens manipuleren. Zodra de gegevens de controller bereiken, worden ze door de controller beoordeeld. Bij een bestaand virtueel netwerk en verbinding met de LSM (Ethernet) wordt actuele informatie door het identificatiemedium opgeroepen, of anders wordt de laatste intern bewaarde status gebruikt. Afhankelijk van het resultaat van de beoordeling initieert de controller de bijbehorende actie, bijvoorbeeld het schakelen van een relais.

Indien een virtueel netwerk wordt gebruikt, biedt zich een toepassing als Gateway aan. De inrit van de parkeergarage is één van de sluitelementen die intensief wordt gebruikt. Dit betekent dat elk identificatiemedium dat hier wordt gebruikt, via de lezer en dus ook via de controller wordt vergeleken met de LSM-database. Wijzigingen van rechten, te blokkeren id’s en tijdbudgets worden op die manier efficiënt beheerd.

De stroomverzorging van de controller kan met een externe voedingseenheid, of via de netwerkleiding gebeuren. De lezer kan door de controller van stroom worden voorzien. Mocht het spanningsverlies te groot zijn, dan kan de lezer ook gevoed worden met een externe voedingseenheid (zie Externe spanningsverzorging).

LET OP

Manipulatie van onbeschermde elektrische verbindingen

Onbeschermde elektrische verbindingen kunnen door kortsluiting of op een andere manier gemanipuleerd worden.

  1. Leg elektrische verbindingen van toetsen naar de controller dan ook enkel aan in beveiligde zones.
  2. Leg elektrische verbindingen van de controller voor de beveiliging of naar te regelen apparatuur alleen aan in beveiligde zones.

Voor de bedrading, zie Aansluiting van één of meerdere lezers en Aansluiting van één of meerdere tasters.