Uitgebreide configuratie zonder SmartOutput-module - SmartRelais 3-systeem
Ontgrendelen binnen de bevoegde periode (relaiscontacten sluiten) | |||
|---|---|---|---|
Automatisch ontgrendelen | Handmatig ontgrendelen | ||
altijd | alleen indien vergrendeld | altijd | alleen indien vergrendeld |
Controller: sluit de relaiscontacten (ontgrendelt), zodra de autorisatie in het tijdzoneplan begint. Gedraagt zich in de resterende geautoriseerde periode als FlipFlop. | Controller: sluit de relaiscontacten (ontgrendelt), zodra de autorisatie in het tijdzoneplan begint. Geen invloed door identificatiemedia in de resterende geautoriseerde periode. | Controller: sluit de relaiscontacten (ontgrendelt), zodra een identificatiemedium na begin van de autorisatie in het tijdzoneplan wordt bediend. Gedraagt zich in de resterende geautoriseerde periode als FlipFlop. | Controller: sluit de relaiscontacten (ontgrendelt), zodra een identificatiemedium na begin van de autorisatie in het tijdzoneplan wordt bediend. Geen invloed door identificatiemedia in de resterende geautoriseerde periode. |
Vergrendelen in de niet geautoriseerde periode (relaiscontacten openen) | |||
|---|---|---|---|
Automatisch vergrendelen | Handmatig vergrendelen | ||
altijd | alleen indien vergrendeld | altijd | alleen indien vergrendeld |
Controller: opent relaiscontacten (vergrendelt) zodra de autorisatie in het tijdzoneplan eindigt. Identificatiemedia sluiten de relaiscontacten (ontgrendelen) in de niet geautoriseerde periode voor de ingestelde pulsduur. | Controller: opent relaiscontacten (vergrendelt) zodra de autorisatie in het tijdzoneplan eindigt. Identificatiemedia sluiten de relaiscontacten (ontgrendelen) in de niet geautoriseerde periode voor de ingestelde pulsduur. | Controller: opent relaiscontacten (vergrendelt) zodra een identificatiemedium wordt bediend. Identificatiemedia sluiten de relaiscontacten (ontgrendelen) in de niet geautoriseerde periode voor de ingestelde pulsduur. | niet mogelijk |