Identificatiemedium in meerdere sluitsystemen gebruiken - AXM Classic

In bepaalde gevallen is het gebruik van meerdere sluitsystemen zinvol (zie Sluitsystemen).

Op dit punt is het handig wanneer geselecteerde gebruikers hetzelfde identificatiemedium in meerdere sluitsystemen kunnen gebruiken.

Het gebruik in meerdere sluitsystemen verschilt van het overkoepelende sluitniveau:

Gebruik in meerdere sluitsystemen

Overkoepelende sluitniveaus

  • Er worden meerdere van elkaar onafhankelijke sluitsystemen op het identificatiemedium opgeslagen
  • Kunnen uit verschillende projecten en databases komen
  • Aantal mogelijke sluitsystemen in het identificatiemedium beperkt
  • TID in elk van deze sluitsystemen onafhankelijk van TID's in andere sluitsystemen
  • Overkoepelend sluitniveau wordt aangemaakt en sluitsystemen toegewezen
  • Transponder wordt in een van deze sluitsystemen aangemaakt. AXM Classic maakt de transponder automatisch ook in de andere toegewezen sluitsystemen aan
  • Aantal op die manier toegewezen sluitsystemen niet beperkt
  • Rechten worden in toegewezen sluitsystemen ingesteld

Voor het configureren van een overkoepelend sluitniveau, zie Overkoepelend sluitniveau beheren.

Meer informatie over het overkoepelende sluitniveau vindt u hier: Overkoepelende sluitniveaus.

Een PinCode-toetsenbord wordt precies aan een sluitelement toegewezen en is niet mobiel. Het gebruik in meerdere sluitsystemen of in overkoepelende sluitniveaus is daarom niet zinvol en voor PinCode-toetsenborden niet mogelijk.

Voorbeeld: een conciërge moet toegang krijgen tot deuren in verschillende sluitsystemen.

Hij hoeft daarbij niet met meerdere identificatiemedia te werken. In plaats daarvan legt u het identificatiemedium van de conciërge aan in elk sluitsysteem, maar synchroniseert u vervolgens dezelfde transponder.

  • G2-transponders kunnen maximaal vijf sluitsystemen opslaan (3 G2-sluitsystemen en 2 G1-sluitsystemen).
  • Kaarten kunnen afhankelijk van het beschikbare geheugen en de kaartconfiguratie ook meerdere sluitsystemen opslaan (zie Kaartsjablonen). In de AXM Classic stelt u kaartconfiguraties niet meer in het hele project in, maar in het hele sluitsysteem (zie Kaarten of transponders vrijschakelen). Dit heeft twee voordelen:
    • meerdere sluitsystemen op één kaart zijn geen probleem – behandel een reeds bestaand sluitsysteem als een externe toepassing en kies voor het extra sluitsysteem vrije sectoren of app-ID's (MIFARE Classic (reeds gebruikte kaart) resp. MIFARE DESFire (reeds gebruikte kaart)).
    • Zolang u hetzelfde kaarttype (Classic / DESFire) gebruikt, kunt u zelfs verschillende kaartconfiguraties in uw sluitsystemen gebruiken.

Transponders zijn eenvoudiger dan kaarten in meerdere sluitsystemen te gebruiken, omdat hier geen rekening gehouden hoeft te worden met sectoren of app-ID's.

Er bestaan twee mogelijkheden om een identificatiemedium opnieuw te gebruiken: