Scherpschakeleenheden met toets, zonder externe antenne - VDS-blokslot

De combinatie met een toets maakt gebruik zonder externe antenne mogelijk, waarbij het scherp schakelen alleen van buiten mogelijk is. Per scherpschakeleenheid bevindt zich een toets voor het openen aan de buitenzijde en deze verbindt pin 13 (master voor het scherp schakelen), resp. pin 12 (slaves voor het scherp schakelen) met het massapotentiaal en verhindert zo dat scherp wordt geschakeld.

Het scherp schakelen is alleen mogelijk wanneer de toets aan de buitenzijde wordt ingedrukt en de gebruiker tegelijkertijd zijn of haar transponder activeert. Aangezien de toets zich aan de buitenzijde bevindt, is gegarandeerd dat de gebruiker niet meer in de beveiligde zone is.

Master voor het scherp schakelen

Bij masters voor het scherp schakelen wordt het deactiveringsbewijs onderdrukt zolang de pin 13 contact heeft met de massa (zie ook Globale onderdrukking van het scherp schakelen (optioneel) en Aansluitingen van de master scherpschakelenheid).

Gebruik een openingstoets om pin 13 te verbinden met het massapotentiaal. Plaats bovendien jumper B2, om de reikwijdte maximaal te maken.

Een Schottkydiode koppelt de deactiveringsleiding los. Deze is alleen nodig bij gebruik van slaves voor het scherp schakelen.

Slaves voor het scherp schakelen

Bij slaves voor het scherp schakelen verbindt u pin 12 met de massa om het scherp schakelen bij deze master te verhinderen (zie ook Lokale onderdrukking van het scherp schakelen (optioneel) en Aansluitingen van de slave scherpschakelenheid).

Gebruik een openingstoets om pin 12 te verbinden met het massapotentiaal. Plaats bovendien jumper B2, om de reikwijdte maximaal te maken.