Naam - LSM 3.5 SP3 Basic

  • Serienummer
  • Serienummer van de transponder. De button "..." geeft de eigenschappen van de persoon aan. Bij het programmeren van G2-transponders wordt automatisch hun "Interne serienummer" (PHI-nummer (Physical Hardware Identifier; opgedrukt op het product) overgenomen.
  • Bezitter
  • Aangewezen persoon voor de transponder. De button "M" geeft de transponder aan in de matrix.
  • Type
  • Soort transponder.
  • Beschrijving
  • Vrij veld voor de beschrijving van de transponder.
  • Toegewezen transpondergroepen: Beoogde toestand
  • Beoogde toestand van de transpondergroepen waarin de transponder zich bevindt.
  • Transpondergroep
  • Met deze button kunt u de transponder toewijzen aan een andere transpondergroep.
  • Toegewezen transpondergroepen: Actuele toestand
  • Actuele toestand (laatste programmering) van de transpondergroepen waarin de transponder zich bevindt.
  • Software Reset
  • Button voor het resetten van de actuele toestand in de LSM-software. Deze voorgang wordt geteld en links ernaast weergegeven.
  • OPMERKING

    notice

    Gebruik deze functie alleen wanneer u precies weet waar de geprogrammeerde component zich bevindt! Deze actie kan bijv. worden uitgevoerd bij een fysiek defecte transponder. Een correct geprogrammeerde en functionerende transponder, waarbij alleen maar een software reset is uitgevoerd, kan onder bepaalde omstandigheden nog rechten bij sluitelementen hebben. Dat houdt een hoog veiligheidsrisico in!

  • Deactiveren
  • Button om een transponder te deactiveren.
  • Activeren
  • Button om een transponder te activeren
  • Transponderverstrekking
  • Genereren van een formulier met handtekening voor de overhandiging. Dit formulier bevat ook een lijst van alle bevoegde deuren.
  • Meervoudig kopiëren
  • Maakt een willekeurig aantal kopieën van de transponder met dezelfde eigenschappen.