Opbouw - Systeembeschrijving WO
Profielcilinders bestaan in principe uit twee helften:
Master (centrale unit = CU) | Slave |
|---|---|
Knop kan niet gedemonteerd worden. | Knop kan voor montage gedemonteerd worden. |
Kenmerk: zwarte ring tussen knop en profielcilinder. |
Cilinders bestaan uit meerdere delen:
| Control Unit (CU): Component onder het batterijvak van de masterknop |
| Kaartlezer (Card Reader = CR): masterlezer (bij tweezijdig lezende cilinders (FD en BL): extra slave-lezer) |
| LockNode (LN): Module boven het batterijvak van de masterknop |
| Batterijen in het batterijvak van de masterknop |
De cilinder moet altijd met de binnenzijde aan de binnenzijde worden gemonteerd. U vindt de markering aan de binnenzijde:
- In de maattekeningen (zie Maatschetsen cilinders)
- Op de profielbehuizing (IN)
Comfort (CO) | Zijkant | Gedrag (uitgekoppelde toestand) | Bestanddelen | Batterijen |
|---|---|---|---|---|
Master | Buiten | Vrij draaiend |
| 2 |
Slave | Binnen | Permanent geactiveerd | Geen elektronica | Geen |
Vrij draaiende variant (FD): | Zijkant | Gedrag (uitgekoppelde toestand) | Bestanddelen | Batterijen |
|---|---|---|---|---|
Master | Binnen | Vrij draaiend |
| 2 |
Slave | Buiten | Vrij draaiend | Tweede control unit | 2 |
Antipaniek vrij draaiend (AP2 FD) | Zijkant | Gedrag (uitgekoppelde toestand) | Bestanddelen | Batterijen |
|---|---|---|---|---|
Master | Buiten | Vrij draaiend |
| 2 |
Slave | Binnen | Inkoppelen niet mogelijk | Geen elektronica | Geen |
Antipaniek tweezijdig lezend (AP2 BL) | Zijkant | Gedrag (uitgekoppelde toestand) | Bestanddelen | Batterijen |
|---|---|---|---|---|
Master (binnen) | Aan beide kanten bruikbaar | Vrij draaiend |
| 2 |
Slave (buiten) | Vrij draaiend |
| 2 |
OPMERKING
Programmeerfout bij onderbroken of gewijzigd master-slavepatroon
De master en slave zijn in de fabriek ingesteld als bij elkaar horende apparaten. Het vervangen van knoppen leidt tot programmeerfouten.
Tijdens het programmeren communiceren de master en de slave.
- Zorg dat de master en slave fysiek zijn verbonden tijdens het programmeren.



