Aansluitingen - SmartOutput-module met SmartRelais 3

Nr.

Printplaat

Toelichting

1

Out

Brownout-herkenning: Open-Collector, bij voldoende verzorgingsspanning met GND verbonden.

Deze uitgang schakelt bij daling van de verzorgingsspanning bij VIN onder 10,0 VDC (±0,5 VDC). Gewoonlijk wordt de massa-aansluiting van de spoel van het AUX-relais aangesloten. Bij een dalende verzorgingsspanning bij VIN schakelt dan het AUX-relais, voordat de andere relaiscontacten door het verlies aan spanning ongecontroleerd schakelen. Bij het aanleggen van de verzorgingsspanning schakelt de uitgang pas, wanneer de module volledig geïnitialiseerd is en er geen ongecontroleerd schakelende relaiscontacten meer kunnen optreden.

2

I-

Geïsoleerde digitale ingang. Momenteel niet in gebruik.

3

I+

Geïsoleerde digitale ingang. Momenteel niet in gebruik.

4

B

Controlleraansluiting: Dataleiding B, wordt aan het contact voor Lezer 3 aangesloten.

5

A

Controlleraansluiting: Dataleiding A, wordt aan het contact voor Lezer 3 aangesloten.

6

C

Controlleraansluiting: Massa, wordt aan het contact voor Lezer 3 aangesloten.

7

4a

Relais 4: Potentiaalvrij contact (NC, in software behandelt als NO), wordt afhankelijk van de autorisaties geschakeld.

8

4b

Relais 4: Potentiaalvrij contact (NC, in software behandelt als NO), wordt afhankelijk van de autorisaties geschakeld.

9

3a

Relais 3: Potentiaalvrij contact (NC, in software behandelt als NO), wordt afhankelijk van de autorisaties geschakeld.

10

3b

Relais 3: Potentiaalvrij contact (NC, in software behandelt als NO), wordt afhankelijk van de autorisaties geschakeld.

11

2a

Relais 2: Potentiaalvrij contact (NC, in software behandelt als NO), wordt afhankelijk van de autorisaties geschakeld.

12

2b

Relais 2: Potentiaalvrij contact (NC, in software behandelt als NO), wordt afhankelijk van de autorisaties geschakeld.

13

1a

Relais 1: Potentiaalvrij contact (NC, in software behandelt als NO), wordt afhankelijk van de autorisaties geschakeld.

14

1b

Relais 1: Potentiaalvrij contact (NC, in software behandelt als NO), wordt afhankelijk van de autorisaties geschakeld.

15

5b

Relais 5: Potentiaalvrij contact (NC, in software behandelt als NO), wordt afhankelijk van de autorisaties geschakeld.

16

5a

Relais 5: Potentiaalvrij contact (NC, in software behandelt als NO), wordt afhankelijk van de autorisaties geschakeld.

17

6b

Relais 6: Potentiaalvrij contact (NC, in software behandelt als NO), wordt afhankelijk van de autorisaties geschakeld.

18

6a

Relais 6: Potentiaalvrij contact (NC, in software behandelt als NO), wordt afhankelijk van de autorisaties geschakeld.

19

7b

Relais 7: Potentiaalvrij contact (NC, in software behandelt als NO), wordt afhankelijk van de autorisaties geschakeld.

20

7a

Relais 7: Potentiaalvrij contact (NC, in software behandelt als NO), wordt afhankelijk van de autorisaties geschakeld.

21

8b

Relais 8: Potentiaalvrij contact (NC, in software behandelt als NO), wordt afhankelijk van de autorisaties geschakeld.

22

8a

Relais 8: Potentiaalvrij contact (NC, in software behandelt als NO), wordt afhankelijk van de autorisaties geschakeld.

23

K2

AUX-relais: Potentiaalvrij contact (NO). Contact wordt met K1 (nummer 26) verbonden, wanneer de spoel van spanning wordt voorzien.

Af fabriek uitgerust met een wegneembare brug naar + (nummer 24).

24

+

VIN. Aansluiting voor spanningsverzorging.

Af fabriek uitgerust met een wegneembare brug naar K2 (nummer 23).

25

A+

AUX-relais: Plus-aansluiting van de spoel. AUX-relais schakelt wanneer de spoel van spanning wordt voorzien.

Af fabriek uitgerust met een wegneembare brug naar K1 (nummer 26).

26

K1

AUX-relais: Potentiaalvrij contact (sluiter). Contact wordt met K2 (nummer 23) verbonden, wanneer de spoel van spanning wordt voorzien.

Af fabriek uitgerust met een wegneembare brug naar A+ (nummer 25).

27

A-

AUX-relais: Min-aansluiting van de spoel. AUX-relais schakelt wanneer de spoel van spanning wordt voorzien.

28

-

GND. Aansluiting voor spanningsverzorging.