Inbedrijfstelling - GatewayNode 3
- Monteer het apparaat (zie Montage).
- Neem het deksel af.

- Sluit een netwerkkabel en voedingseenheid aan en voer de eerste configuratie uit (zie Eerste configuratie / in het LAN vinden).
- Doe het deksel weer terug op de bodemplaat.
- GatewayNode 3 brandt blauw en is bedrijfsklaar (zie Signalering).
- Integreer de GatewayNode 3 in de beheersoftware.
- GatewayNode 3 is veilig geconfigureerd.
SmartIntego: GatewayNode 3
Met de GatewayNode 3 kunt u sluitelementen in een netwerk in SmartIntego draadloos beheren. Voor details, zie:
- TechGuide voor SmartIntego Wireless Online
- GatewayNode 3 in de SmartIntego-Manager